TNO: uitstoot van auto’s in praktijk veel hoger dan bij keuring

Het verschil tussen het praktijkverbruik van personenauto’s en de score die automodellen neerzetten bij de typekeuringstest blijft opvallend groot. Dat blijkt uit onderzoek van TNO. Een analyse van tankpasgegevens van Travelcard Nederland laat zien dat het verschil tussen de praktijk en de typekeuringswaarden 41 procent is. Voor voertuigen die in 2016 op kenteken zijn gezet, bedraagt het verschil zelfs 46 procent.

Volgens de onderzoekers ontstaan de grote verschillen onder meer doordat het praktijkverbruik van auto’s sterk afhangt van de inzet van het voertuig. Daarbij spelen de belading, het soort rit en het rijgedrag van de bestuurder een grote rol. Ook wisselende weers- en verkeersomstandigheden hebben grote invloed op het uiteindelijke verbruik.

De omstandigheden tijdens de typekeuringstest op de rollenbank in het lab zijn niet exact gelijk aan de gemiddelde dagelijkse praktijk, en ook omgevingscondities verschillen. Bovendien wordt bij het testen van de auto’s op de rollenbank het energiegebruik voor bijvoorbeeld verlichting en airconditioning niet meegenomen. Dit zorgt ervoor dat in de praktijk het brandstofverbruik en de daaraan gekoppelde CO2-emissies hoger zijn dan bij de typekeuringstest.

Verbruiksreducerende technieken

Dat er een verschil is tussen de resultaten van de testen in het laboratorium en de praktijk wordt met name veroorzaakt door de inzet van verschillende verbruiksreducerende technieken, zoals stop-startsystemen, die bij de typekeuringstest meer voordeel opleveren dan in de praktijk. Verder meldt het rapport dat er zogenoemde flexibiliteiten in de testprocedure zitten. Door gebruik te maken van marges en onduidelijkheden in de voorgeschreven procedure en testcondities is het daardoor mogelijk om zonder technische aanpassingen aan het voertuig het gemeten verbruik op de test te verlagen.

Bij plug-in-hybride elektrische voertuigen die zowel op brandstof rijden als op elektriciteit, is het verschil tussen praktijk en rollenbank nog groter, gemiddeld 90 gram per kilometer. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat veel gebruikers de batterij van hun voertuig niet regelmatig opladen.

Trends in praktijkverbruik

In het rapport zijn de tankpasdata van Travelcard geanalyseerd over de periode 2004 tot en met april 2017 voor in totaal 443.000 voertuigen. Onder deze groep is een spreiding in jaarkilometrages. Niet alleen de resultaten van zakelijke rijders die veel kilometers maken, maar ook een grote groep rijders die minder rijdt is meegenomen in het onderzoek.

Lees ook: Overstappen op andere lesauto? ‘Wacht niet te lang’

Bron: Verkeerspro
Auteur: Remco Nieuwenbroek
Publicatie datum: Thu, 26 Jul 2018 06:26:41 +0000

Kaartje: hier moeten snorfietsers de rijbaan op in Amsterdam

De gemeente Amsterdam heeft een kaart gepubliceerd waarop precies te zien is waar snorfietsers straks de rijbaan op moeten. Het gaat om de meeste wegen binnen de ring A10. Ook is een helm dragen daar verplicht voor de snorfietsers. De maatregel gaat naar verwachting begin 2019 in. 

Sinds 1 juli 2018 is het voor gemeenten mogelijk om snorfietser op de rijbaan te laten rijden. Amsterdam wil dat nu zo snel mogelijk invoeren. Wel zijn er nog wat aanpassingen nodig, zoals het plaatsen van borden, wegmarkeringen en het maken van ‘doorsteekjes’ van fietspaden naar de rijbaan. De gemeente verwacht dat begin 2019 alles klaar is.

Helm dragen

Het aantal snorfietsers in Amsterdam is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Het aantal snorfietsongevallen is groot. Doordat snorfietsers zonder helm deelnemen aan het verkeer, hebben de ongevallen voor hen vaak ernstige gevolgen. Daarom moeten snorfietsers, net als bromfietsers, een helm dragen op de rijbaan.

De gemeente heeft een (voorlopige) kaart gepubliceerd waarop precies te zien is waar de snorfietser de rijbaan op moet. Er wordt nog gewerkt aan een gedetailleerde kaart. In december volgt ook een consumentencampagne over de maatregel.

Handhaving

Nadat de regeling in Amsterdam ingaat, worden snorfietsers eerst twee maanden geïnformeerd bij ‘verkeerd’ gedrag, daarna volgen twee maanden van waarschuwingen, meldt brancheorganisatie Bovag. Vier maanden na de invoering kunnen snorfietsers daadwerkelijk een bekeuring krijgen als ze met hun snorfiets op het fietspad rijden of geen helm dragen. Hoe de handhaving er precies uitziet, wordt later bekendgemaakt.

Er is nog een bezwaar- en beroepstermijn voor belanghebbenden. Bovag gaat in elk geval nog een keer bezwaar aantekenen en biedt hulp aan voor degene die dat ook wil doen.

Ombouwregeling

Vorig jaar heeft Bovag meerdere keren met de gemeente gesproken over een ombouwregeling van snorfiets naar een bromfiets, laat de organisatie weten: “De gemeente wilde de keuring betalen en met de RDW regelen dat er één of twee keuringslocaties in Amsterdam zouden komen. Ook zouden ze scooterdealers aanwijzen, om de ombouw uit te voeren. Deze hele regeling gaat niet door! De huidige gemeenteraad heeft dit voornemen ingetrokken.”

In plaats daarvan stimuleert de gemeente Amsterdam mensen om over te stappen naar een schoner alternatief. Er komt een subsidie van ongeveer 700.000 euro beschikbaar. Deze details volgen ook in september.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 25 Jul 2018 07:59:15 +0000

TLN wil appen in vrachtauto onmogelijk maken

Appen achter het stuur moet technisch onmogelijk worden voor vrachtwagenchaffeurs. Daarvoor pleit Transport en Logistiek Nederland (TLN). Tot het zover is, moet de handhaving worden opgevoerd en moeten hogere sancties helpen voorkomen dat er ongelukken gebeuren door appende chauffeurs, vindt de organisatie.

​Vrachtauto- en telefoonfabrikanten zouden volgens TLN moeten samenwerken om het appen in een rijdende vrachtauto onmogelijk te maken. Alleen handsfree navigeren en bellen zou mogelijk moeten zijn. “Appen achter het stuur is onacceptabel”, zegt TLN-voorzitter Arthur van Dijk. “Dat moeten alle weggebruikers gewoon laten, dat zou vanzelfsprekend moeten zijn. Elk ongeluk is er een teveel. Laten we gewoon zorgen dat chauffeurs niet meer in de verleiding kunnen komen om tóch de tekstfuncties van de telefoon te gebruiken.”

Handhaving

“Bestuurders van vrachtauto’s hebben een extra verantwoordelijkheid: ze zijn professionals”, zegt Van Dijk. “En als het misgaat, zijn de gevolgen van een ongeluk met een vrachtauto vele malen groter, vanwege de afmetingen en gewicht van het voertuig.” Eigenlijk zouden chauffeurs ook zonder technische blokkering van hun telefoon of de dreiging van een strenge sanctie hun telefoon links moeten laten liggen, vindt TLN.

Omdat het waarschijnlijk wel even duurt voordat alle vrachtauto’s en telefoons zijn uitgerust met technieken die appen achter het stuur onmogelijk maken, moet de overheid de pakkans voor appen achter het stuur verhogen, vindt TLN. De organisatie is positief over de controles vanuit touringcars of vanaf bruggen die die de politie de laatste tijd uitvoert. Hiermee kan de politie makkelijker in de cabine van een vrachtauto kijken. Ook juicht TLN het nieuwe experiment toe waarbij de politie een camera gebruikt die automatisch registreert of weggebruikers hun telefoon gebruiken tijdens het rijden​.

Vakmensen

Van Dijk wijst erop dat de meeste vrachtautochauffeurs zich als professionals gedragen. Het zijn volgens hem vakmensen met een uitstekend verkeersinzicht. “Door goed te anticiperen op het gedrag van andere weggebruikers voorkomen vrachtautochauffeurs zelfs elke dag ongelukken. Bijvoorbeeld door meer afstand te bewaren als een bestuurder van een personenauto slingert of merkwaardig manoeuvreert. Laten we dat vooral niet vergeten.”

Ook transportondernemers hebben een verantwoordelijkheid om in hun bedrijf appen achter het stuur te voorkomen. Het risico van appen achter het stuur lijkt onderbelicht, constateert TLN. Ondernemers moeten hun chauffeurs goed voorlichten over de gevaren. Ook zouden ze gebruik moeten maken van de bestaande technieken, door bijvoorbeeld de SafeDrivePod te installeren in vrachtauto’s: een apparaatje dat je in de auto installeert, en dat tijdens het rijden zorgt dat je de telefoon alleen voor handsfree bellen en navigeren kunt gebruiken. “En natuurlijk door maatregelen te nemen tegen chauffeurs die met appen toch de fout ingaan.”

Lees ook: Internationale interesse in Nederlandse oplossing tegen appen in verkeer

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 12 Jul 2018 08:04:27 +0000

‘Rijscholen die niet transparant opleiden, de pas afsnijden’

De brief van het CBR aan minister Cora van Nieuwenhuizen over maatregelen binnen de rijschoolbranche, is een belangrijke stap voorwaarts, vindt branchevereniging VRB. Het CBR wil onder meer strenger optreden bij gevaarlijke praktijkexamens en omstreden verdienmodellen van rijscholen tegengaan. Een ingezonden brief van de VRB over de laatste ontwikkelingen.

“Spannende tijden liggen achter ons maar ook nog in het verschiet. Het is in augustus alweer twee jaar geleden dat een klein gezelschap binnen de branche de hele maand augustus intensief hebben gewerkt om het startdocument het levenslicht te laten zien.

Met vallen en opstaan maar heel belangrijk in het traject was dat drie brancheverenigingen niet meer elkaars opponenten waren maar in het belang van het collectief de intentie hadden uitgesproken om de klemmende oproep van Barbara Visser en nog een handje vol andere Kamerleden om zelf met verbetervoorstellen te komen, vorm te geven.

En de ‘bijvangst’ was dat we in het CBR een stevige medestander vonden die ook van mening waren en nog steeds zijn dat we het allemaal samen moeten doen. Dit heeft er toe geleid dat de projectgroep Professionalisering van de branche flinke stappen voorwaarts zet. Ondanks de tegenvallende doorlooptijden en wachttijden waar we tegen aanlopen bij de afhandeling van de medische dossiers hebben we alle vertrouwen dat we met vereende krachten over niet al te lange tijd de zaken op de rit hebben.

Dat er offers gebracht moeten worden ook door de mensen die het nu al goed doen, dat moeten we als onderdeel van het traject incalculeren

De brief van het CBR aan Minister Cora van Nieuwenhuizen opent vele deuren om te komen tot een rijschoolbranche die gezond gaat worden. En dat dit met vallen en opstaan gepaard gaat, daar staan we voor open. En dat er offers gebracht moeten worden ook door de mensen die het nu al goed doen, dat moeten we als onderdeel van het traject incalculeren.

Het voorstel van het CBR om passende maatregelen te nemen voor rijscholen die met kandidaten komen die bij het CBR (nog) niets te zoeken hebben omarmen we, zoals we ook voorstander zijn van transparantie in de voorlichting naar kandidaten. Veranderingen in manieren van werken in een kwestie van de knop omzetten maar vergt inspanningen, maar we weten geen andere manier om het de mensen die voortdurend met iets anders bezig zijn dan op een eerlijke en transparantie manier mensen opleiden, de pas af te snijden.

Als het allemaal zo gemakkelijk zou zijn was het gisteren al opgelost. We vestigen onze hoop op het plenair debat dat vooralsnog gepland staat op maandag 3 september. Onderdeel van het wijzigingsvoorstel dat dan behandeld wordt is dat we als gezamenlijke keten al verbetervoorstellen voor de lange termijn afstemmen. En daar zijn zowel IBKI als CBR en de gezamenlijke branchepartijen al sinds mei 2017 mee aan de slag gegaan.

Alle hulp en verbetersuggesties zijn welkom waarbij opgemerkt moet worden dat kort door de bocht vliegen geen optie is. Dat vermanende vingertjes opheffen niet gaat werken en iedereen anders de zwarte Piet toe te spelen de weg niet vrijmaakt om met elkaar de dialoog te voeren. De trein dendert voort. Het is alleen nog een kwestie van op het juiste station in- en uitstappen, uiteraard met het juiste vervoersbewijs!”

Het bestuur van de VRB,
Irma Brauers
Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 11 Jul 2018 13:00:37 +0000

Tweede Kamer debatteert na zomer over WRM: de stand van zaken

De Wet Rijonderricht Motorrijtuigen (WRM) staat voor 3 september op de agenda van de Tweede Kamer. Die dag gaan de Kamerleden debatteren over nieuwe maatregelen binnen de rijschoolbranche, mits het agendapunt niet opnieuw wordt verschoven. Een korte opsomming van de ontwikkelingen op WRM-gebied in de afgelopen maanden.

Eind vorige maand werd duidelijk dat de behandeling van de WRM niet meer voor het zomerreces zou plaatsvinden. Daarmee worden ook wijzigingen in de WRM opnieuw opgeschoven. Inmiddels staat de WRM voor 3 september geagendeerd voor een plenaire vergadering. Aangezien de invoering van een aangepaste wet op 1 januari 2019 niet meer haalbaar lijkt, zal de eerstvolgende mogelijkheid 1 juli 2019 worden.

Voorstellen uit de branche

De brancheverenigingen, het CBR, de LBKR en de opleidingsinstituten hebben allemaal hun eigen visie op wat er veranderd moet worden aan de WRM. Hierbij gaat het onder meer over de toelatingseisen tot de instructeursopleiding, de inhoud van de opleiding en de bijscholing van rijinstructeurs, met als doel de rijschoolbranche te professionaliseren. De plannen zijn stuk voor stuk opgesteld in een document en verstuurd aan de politiek, in de hoop dat Den Haag het advies ter harte neemt.

Vorig jaar is een van de voorstellen al door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat overgenomen. In november kondigde minister Cora van Nieuwenhuizen namelijk aan dat een VOG verplicht wordt gesteld voor rijinstructeurs. Het ministerie en CBR namen al eerder maatregelen in het kader van professionalisering van de branche. Instructeurs moeten nu al een geldige WRM-pas kunnen laten zien aan het CBR als zij mee willen rijden met een examen. Ook lanceerde het CBR een social media-campagne waarin jongeren tips krijgen, zoals het kiezen van een goede rijschool.

Advies IBKI

De minister liet tijdens overleg in de Tweede Kamer afgelopen maart weten dat de VOG en WRM-pascontrole maatregelen zijn voor de kortere termijn. Overige maatregelen die de branche voorstelt, liggen vooral op het gebied van het CBR en het IBKI, vertelde de minister. “Het CBR heeft inmiddels een advies uitgebracht. Maar daar hebben we nog verder onderzoek en overleg voor nodig. Het advies van IBKI verwachten we over enkele maanden. Als ik dat helemaal compleet heb, zal ik mij beraden of en welke extra juridische maatregelen noodzakelijk zijn.”

Het advies van het CBR kwam in januari naar buiten. Het exameninstituut heeft gekeken naar de voorstellen uit het aanbevelingsdocument van de VRB, FAM en Bovag om de rijschoolbranche te professionaliseren. Daar waar de voorgestelde maatregelen raakvlakken hadden met het exameninstituut, gaven CBR-directeuren Petra Delsing en René Verstraeten aan in hoeverre deze haalbaar zijn. Zo blijkt het CBR open te staan voor het integreren van de eigen praktijkbegeleiding met die van het IBKI, waarbij de Rijopleiding in Stappen (RIS) de standaard moet worden.

Maatregelen CBR

Onlangs kondigde CBR-directeur Petra Delsing extra maatregelen aan om de kwaliteit binnen de rijschoolbranche omhoog te krijgen en de wachttijden voor de praktijkexamens aan te pakken. Zo gaan examinatoren vanaf dit najaar vaker examens afbreken wanneer de kandidaten zo slecht zijn opgeleid dat er gevaarlijke situaties ontstaan. Vervolgens moeten deze kandidaten langer wachten tot hun herexamen. Deze kandidaten maken volgens Delsing onnodig gebruik van de schaarse examencapaciteit.

Ook doet CBR onderzoek naar de manier waarop sommige rijscholen hun slagingspercentage beïnvloeden. Zij werken met meerdere inschrijvingen bij het CBR. Alleen kansrijke kandidaten doen examen onder de herkenbare naam van  de rijschool, waardoor deze een hoog percentage kan laten zien. Ook komen er maatregelen tegen rijscholen met een omstreden verdienmodel: zij sturen kandidaten veel te vroeg en dus kansloos op examen. Hier verdienen zij aan, aangezien de betreffende rijschool een toeslag rekent bovenop het examentarief van het CBR.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 10 Jul 2018 12:41:57 +0000

15 procent kiest voor theorie-examen in de avond

De pilot waarbij kandidaten ’s avonds een theorie-examen kunnen doen, is volgens het CBR een succes. Van alle kandidaten kiest 15 procent voor de avond. In mei is de proef gestart op vijf examenlocaties en deze maand kwamen daar nog vier centra bij. 

Sinds mei kunnen kandidaten op de locaties Amsterdam, Arnhem, Zwolle, Rijswijk en Groningen het theorie-examen doen tussen 16.00 en 21.30 uur. Sinds 1 juli 2018 kunnen ze in de avond ook terecht in de examencentra in Alkmaar, Breda, Eindhoven en Utrecht. Vanaf 18.00 uur betalen ze hiervoor een toeslag van 4,45 euro. De proef loopt tot en met oktober.

Zelf reserveren

Het CBR wil met de pilot de dienstverlening aan de klant verder verbeteren. Aan de proef doen alleen kandidaten mee die zelf het examen reserveren op Mijn CBR. Het gaat om het theorie-examen voor auto, motor en bromfiets. Ook voor een individueel theorie-examen kunnen de kandidaten in de avonduren terecht. Tot 18.00 uur kunnen ook beroepsexamens worden gemaakt, die de kandidaat zelf of via zijn opleider reserveert.

Lees ook: Minister: met trucjes slagen voor theorie-examen is onmogelijk

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 10 Jul 2018 09:18:46 +0000

De vijf meest voorkomende fouten met een airco in de auto

Met de bijna tropische temperaturen van de afgelopen weken zetten rijschoolhouders volop de airconditioning aan. Ondanks de slimme technologie achter de aircosystemen van nu wordt hun capaciteit veelal nog niet optimaal benut. Vaak zijn het vooral de gebruikers die er voor zorgen dat de airconditioning onvoldoende werkt. Seat maakte een opsomming van de vijf meest voorkomende fouten en geeft enkele tips om de lesauto koel te houden.

De effecten van hitte tijdens het rijden in de zomer moeten niet onderschat worden, meldt Seat. Een bestuurder reageert 20 procent trager bij een binnentemperatuur van 35° C ten opzichte van een temperatuur die tien graden lager ligt. Het effect is volgens het automerk vergelijkbaar met het rijden met een alcoholpromillage van ongeveer 0,5 procent. Om deze reden is het belangrijk om het passagierscompartiment koel en goed geventileerd te houden. De vijf meest gemaakte fouten:

1 Niet ventileren

De airco aanzetten zodra je in de auto stapt: in de zomer kan het interieur van een auto die in de zon staat geparkeerd zestig graden Celsius bereiken. Die temperatuur is met een goede airco in ongeveer een half uur tijd terug te brengen naar 25 graden, maar dan moet je wel een paar eenvoudige richtlijnen volgen. Een van de meest voorkomende fouten is de airconditioning gelijk vol in te schakelen. Beter is het om de portieren en de ramen eerst een minuut te openen voordat je de airconditioning aanzet. Met deze eenvoudige handeling is de temperatuur in het interieur al significant te verlagen. Zodra de auto is geventileerd, kun je instappen, de portieren en ramen sluiten en de airconditioning inschakelen.

2 Luchtrecirculatie

Een klassieke fout die veel mensen maken, is de ‘luchtrecirculatie’ in te schakelen. Beter is het om de airconditioning te gebruiken in de ‘Auto’-stand, zodat het systeem de luchtstroom gelijkmatiger en efficiënter kan verdelen.

3 Ochtend

De airconditioning niet inschakelen als het ’s ochtends kil is: in Nederland kunnen sommige zomermorgen best koel zijn. Dan is het toch een goed idee om de airconditioning van de auto aan te zetten, zelfs als je de temperatuur op ‘High’ zet, om te voorkomen dat de ramen beslaan als de buitentemperatuur enigszins begint te stijgen.

4 Ventilatieroosters naar gezicht

“Zet de airco wat hoger; ik voel niks.” Dat wordt in de zomer vaak door de inzittenden gevraagd. Meestal is het geen kwestie van een te hoog ingestelde temperatuur, maar de richting waarin de koude lucht door de auto stroomt. Om een gelijkmatige verdeling van de luchtstroom te krijgen, moeten het ventilatierooster naar boven wijzen en dus niet naar de gezichten van de inzittenden. Met deze eenvoudige handeling stroomt de lucht rond door het interieur van de auto en bereikt de koelte elke passagier.

5 Geen onderhoud

Een goed onderhouden airco werkt beter: net als bij de olie, banden of remvloeistof heeft het aircosysteem in auto’s ook specifiek onderhoud nodig. Seat adviseert Airco onderhoud één keer in de drie jaar en beveelt aan het interieurfilter iedere 30.000 kilometer (afhankelijk van model en uitvoering) te vervangen om een verminderde werking van het systeem te voorkomen.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 18 Jul 2018 08:05:10 +0000

Sprekers Nationaal Rijschool Congres 2018 bekend

De sprekers van het eerste Nationaal Rijschool Congres zijn bekend. Tijdens dit congres werpen we een blik op de nabije en verre toekomst: hoe ziet de rijles van de toekomst eruit? Wat gaat er veranderen aan de werkzaamheden van rijinstructeurs? Dit ochtendcongres vindt plaats tijdens de Nationale Rijschooldag (de nieuwe naam van de Lesauto Testdag) op dinsdag 18 september 2018 bij Autotron Rosmalen.

Momenteel legt RijschoolPro de laatste hand aan het congresprogramma. Houd daarom onze website in de gaten voor het laatste nieuws hierover. Wél kunnen we de volgende sprekers alvast aan je voorstellen:

  • Wilbert van Beersum, opleider van rijinstructeurs, vertelt over ADAS
  • Ernest Alvares (Veronica Verkeersschool) geeft zijn visie over innovatie binnen de rijschoolbranche
  • Inge Rohde (CBR) vertelt over de nieuwe strategie ‘Veilig thuiskomen, door informeren, toetsen, en monitoren’
  • René Claesen (CBR) en Jorrit Kuipers (robotTUNER) spreken over de ontwikkelingen rond het rijbewijs voor de zelfrijdende auto
  • Paneldiscussie: meer informatie volgt binnenkort.

Lees hier meer over het programma.

Workshops

Uiteraard kunnen rijinstructeurs op de Nationale Rijschooldag ook terecht voor het testen van tientallen lesauto’s, de Rijschoolbeurs en gratis workshops. Het programma van de workshops, dat ’s middags plaatsvindt, wordt binnenkort bekendgemaakt.

Wie zich nog niet heeft geregistreerd voor het evenement, kan dat alsnog doen via de website van de Nationale Rijschooldag.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 17 Jul 2018 14:54:22 +0000

Introductie zelfrijdende auto’s stuk lastiger dan gedacht

Het kan nog tientallen jaren duren voordat auto’s onder alle omstandigheden volledig autonoom kunnen rijden. Met name de onvoorspelbaarheid van menselijk gedrag maakt de introductie van zelfrijdende auto’s mogelijk een stuk lastiger dan gedacht. Dat blijkt uit een nieuwe publicatie van SWOV en RAI Vereniging.

In het beantwoorden van de vraag of zelfrijdende auto’s veilig zijn, blijkt niet zozeer de techniek maar menselijk gedrag bepalend. Ongelukken met autonome voertuigen komen vrij weinig voor, maar ze liggen wel onder een vergrootglas. Gebleken is dat mensen nog niet goed kunnen omgaan met hun nieuwe rol. Waar ze eerst bestuurder waren, hebben ze nu de supervisie over het goed functioneren van de auto.

Snel en effectief het stuur overnemen als er iets mis dreigt te gaan, blijkt ook een grote uitdaging te zijn. En zelfrijdende auto’s kunnen andere deelnemers verrassen, bijvoorbeeld omdat ze anders reageren dan veel mensen verwachten. Fietsers en voetgangers zijn er ook niet altijd van overtuigd dat ze op tijd worden gezien door een zelfrijdende auto.

Lees het volledige verhaal bij zusterblad Zelfrijdendvervoer.nl

Bron: Verkeerspro
Auteur: Vincent Krabbendam
Publicatie datum: Tue, 17 Jul 2018 10:58:36 +0000

Onderzoekers prijzen effectiviteit T-rijbewijs

Het T-rijbewijs is een succes. Niet alleen qua invoering; ook het resultaat is positief. Dat blijkt uit een onderzoek naar het tractorexamen dat is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. “Het examen T-rijbewijs functioneert naar behoren en de bestaande opleiders slagen er in om kandidaten op het examen voor te bereiden.”

Onderzoeksbureau Royal HaskoningDHV concludeert dat de invoering succesvol is verlopen vanwege de grondige voorbereiding. “De gekozen aanpak en daaruit volgende samenwerking is door de betrokken erg gewaardeerd.” Het T- rijbewijs is in het veld over het algemeen positief ontvangen. Ook wat betreft de uitvoering in de eerste twee jaar zijn de ervaringen grotendeels positief. “Het examen T-rijbewijs functioneert naar behoren en de bestaande opleiders slagen er in om kandidaten op het examen voor te bereiden.”

Als aandachtspunt wordt in het rapport de de toenemende reserveringstijd voor het praktijkexamen genoemd. Verder is  onrust ontstaan onder belangenorganisaties voor lichtere voertuigen (oldtimer trekkers, kleine MMBS), die concluderen dat de exameneisen te zwaar zijn voor de betreffende voertuigtypen.

Effect verkeersveiligheid

De onderzoekers verwachten dat de verkeersveiligheid toeneemt. Dat heeft (uiteraard) enerzijds te maken met een verbetering van de rijbekwaamheid van bestuurders. “Relevante competenties voor verkeersveilig rijgedrag worden met het examen T-rijbewijs getoetst en dit gebeurt beter dan dat voorheen met het examen trekkercertificaat mogelijk was. Er ligt een belangrijk accent op het rijden op de openbare weg. Daarmee ligt de nadruk niet alleen op de technische beheersing van het voertuig, maar vooral op de verkeersdeelneming.”

“Verder krijgen de bestuurders een gedegen rijopleiding door gecertificeerde instructeurs. Het examen volgt de standaardprocedures van het CBR en de uitvoering van het examen verloopt naar tevredenheid. Al met al is het gewenste gevolg dat de nieuwe bestuurders beter zijn voorbereid op veilige verkeersdeelneming dan voor invoering van het T-rijbewijs.”

Serieus

Anderzijds is de geloofwaardigheid van het T-rijbewijs als volwaardige rijbewijscategorie groot. “Dit komt onder andere doordat verzekeringsmaatschappijen op de invoering hebben gereageerd hebben het T- rijbewijs als voorwaarde te stellen voor schadevergoeding. Hierdoor hebben vooral (loon)bedrijven de noodzaak tot het behalen van het rijbewijs door hun medewerkers ingezien. Dat de politie nu kan handhaven op het rijbewijs versterkt dat effect, ondanks dat het in de praktijk niet vaak gebeurt. In tegenstelling tot het trekkercertificaat wordt de rijbewijsverplichting in het veld serieus genomen.”

Een derde effect van het T-rijbewijs is een groter bewustzijn van de risico’s van rijden met (land)bouwvoertuigen en MMBS, zegt Royal HaskoningDHV. Voor en tijdens de invoering is er veel aandacht voor het T-rijbewijs geweest. Ook is er door de grondige aanpak van de invoering met goede communicatie en samenwerking veel draagvlak ontstaan. De meeste brancheorganisaties steunen de invoering en hebben dit naar hun achterban gecommuniceerd. De aandacht voor verkeersveiligheid in combinatie met de steun van belangrijke spelers heeft tot gevolg dat de mind-set van mensen in het veld langzaam maar zeker verandert. Dat beïnvloedt ook de (toekomstige) bestuurders van (land)bouwvoertuigen en MMBS.”

Hogere-ordevaardigheden

Wel worden in het rapport meerdere aanbevelingen gedaan. Zo zou er in het theorie- en praktijkexamen meer aandacht mogen komen voor de hogere-ordevaardigheden. “Goede hogere-ordevaardigheden zijn belangrijke indicatoren van verkeersveilig rijgedrag. Recente onderzoeken wijzen uit dat aandacht voor gevaarherkenning, situatiebewustzijn, anticiperend rijden en zelfevaluatie essentiële vaardigheden zijn. In het examen T- rijbewijs komen die vaardigheden ten dele aan de orde, bijvoorbeeld in de vorm van de situatiebevraging en het zelfreflectieformulier.” De onderzoekers bevelen aan onderzoek te doen naar hoe onder meer zelfreflectie en training van gevaarherkenning in de opleiding meer aandacht kan krijgen.

Verder zien ze kansen voor educatie na het behalen van het T-rijbewijs. “De rijbewijsplicht kan niet voorkomen dat bestuurders ervoor kiezen na behalen van het examen onnodig risico’s te nemen op de weg. Hier kan voortgezette verkeerseducatie een rol spelen. Met behulp van programma’s specifiek gericht op de doelgroep die vaker onnodige risico’s nemen (jongeren tussen de 16 en 24 jaar) kan er invloed worden uitgeoefend op de risicoacceptatie van bestuurders en hun motivatie om veilig te rijden. Deze doelgroep is goed te bereiken via bijvoorbeeld AOC’s, loonbedrijven en rijopleiders.”

‘T-rijbewijs light’

Om het de bestuurders van kleinere en lichtere voertuigtypen tegemoet te komen, zou een T-Rijbewijs ‘light’ een optie kunnen zijn. “De variatie in voertuigen waarvoor het T-rijbewijs geldt, groot. Het examen is wat betreft moeilijkheidsgraad afgestemd op de bovenkant van de voertuiggroep. Vanuit verkeersveiligheidsoogpunt is de keuze om voor alle (land)bouwvoertuigen en MMBS de T-rijbewijsplicht te laten gelden, het beste. Belangenverenigingen van kleinere en lichtere voertuigtypen pleiten echter voor een splitsing van de doelgroep voor het T-rijbewijs. We bevelen aan om onderzoek te doen naar de haalbaarheid om voor lichtere voertuigen een aparte categorie T-light in te voeren.”

Kenteken

Tot slot noemt het rapport = de invoering het kenteken en een snelheidsverhoging ‘het sluitstuk’  op de ontwikkelingen die met invoering van het T-rijbewijs gestart zijn. “Wat betreft handhaving kan invoering van deze wetgeving een aanleiding zijn om de handhaving op landbouwverkeer te intensiveren. Landbouwvoertuigen kunnen dan door de politie meegenomen worden in reguliere snelheidscontroles en ook periodieke keuringen behoren tot de mogelijkheid. Daarmee wordt de (subjectieve) pakkans groter met als gevolg minder ongewenst gedrag.”

 Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 13 Jul 2018 07:10:48 +0000